Braemblokken of de wooneenheid Kiel ontworpen door Renaat Braem
Braemblokken - wooneenheid Kiel - titel

Braemblokken

Renaat Braem

Antwerpen, Emiel Vloorsstraat, Aloïs de Laetstraat, e.a.

1949-1958

Kiel

Vlak nadat de lockdown hier van kracht was, beslisten we op een zonnige middag eens te wandelen naar de Braemblokken of de woonblokken ontworpen door Braem op het Kiel. Het hele complex is opgebouwd in twee fases en er is wel wat informatie over te vinden, dus het is een iets langer artikel dan dat je van mij gewoon bent …

Na de Tweede Wereldoorlog was er een woningtekort in Antwerpen. Door de stad werden gronden aan de rand beschikbaar gesteld voor sociale woningbouw. In het zuiden van de stad was wooneenheid Kiel er één van.

Renaat Braem

De Sociale maatschappij Huisvesting-Antwerpen vroeg aan Renaat Braem een ontwerp voor 700 wooneenheden. Hij moest werken op een stuk grond van 5 hectare groot bestaande uit twee delen: een smal stuk aan de Emiel Vloorsstraat en het tweede wat achterin met een groot, centraal speelplein. Het idee van de stad was om in stroken gebouwen in te planten met een hoogte van twee à drie verdiepingen. Braem pleitte voor hoogbouwblokken op palen of pilotis die een maximum aan vrije grond behouden, zo werden de 700 eenheden verdeeld over negen blokken. Braem ontving hiervoor nationale en internationale succes en mocht later nog andere soortgelijke opdrachten, bijvoorbeeld Sint-Maartendal in Leuven en de Kruiskenslei in Boom.

Plan van aanleg

Zes woonblokken met acht verdiepingen worden in zigzag geplaatst in het smalle stuk, drie blokken met elk twaalf verdiepingen staan rond het grote speelplein. Naast de appartementen worden er ook een warmtecentrale, handelszaken en woningen voor bejaarden voorzien. In 1949 wordt dit bijzonder plan van aanleg opgemaakt door de stad. Het ontwerp wordt verder uitgewerkt in 1950 met een uitvoering in twee fases: de eerste fase zijn de drie hoogste blokken, de warmtecentrale en de handelszaken. De tweede fase zijn de zes andere blokken.

Le Corbusier

Renaat Braem is de enige Belgische architect die gewerkt heeft bij Le Corbusier. Het is dan ook niet verwonderlijk dat Braem de vijf punten van Le Corbusier heeft gebruikt in zijn ontwerp hier. Le Corbusier heeft zo verschillende woonblokken ontwikkeld, bijvoorbeeld de Unité d’Habitation in Marseille.

De blokken op het Kiel bestaan uit betonskeletbouw op palen (of pilotis) met open galerijen. De eerste drie blokken zijn in 1953 klaar en in 1954 worden de appartementen verhuurd.

Helemaal volgens het modernisme worden de technische uitrustingen getoond. De leidingenkokers hangen onder aan de gebouwen en voor de esthetiek hebben de leidingen verschillende kleuren gekregen: rood voor warm water, blauw voor koud water, geel voor retourwater en groen voor electriciteit. Voor Braem zijn dit de aders en slagaders: “Op het Kiel zullen hart en aders zichtbaar functioneren.” 

Zigzag

Volgens de architectuurtheorie toen zouden de appartementen een gevel hebben aan de oostkant en een andere aan de westkant. Braem wijkt hier van af, omdat hij vond dat deze opstelling in de zomer te veel en in de winter geen zon geeft. Hij plaatst de blokken dan ook in een soort diagonale as, zodat een gevel altijd zuidoost of zuidwest is georiënteerd.

De appartementen kunnen bereikt worden door galerijen of ‘luchtstraten’. Om geen inkijk te hebben in de woningen en het uitzicht vanaf het appartement vrij te houden, werden deze galerijen op een halve meter van de gevel geplaatst en vier tredes lager dan de appartementen. De lift- en trapkokers worden los van het gebouw geplaatst. Deze zijn zeer sterk verticaal uitgevoerd, terwijl de gevels met de luchtstraten een horizontale verdeling heeft. 

Kosten besparen

In de eerste fase werd er al gesnoeid in de kosten door de Nationale Maatschappij voor de Huisvesting. Normaal zouden er twee blokken een luxueuzere opbouw krijgen, dit ging niet door. Voor de standaard appartementen werden de oppervlaktes nog meer verkleind en het aantal inkomhallen werd verminderd. Aanvankelijk was er voorzien dat er per blok twee inkomhallen zouden zijn, nu is er maar één.

Ondanks de kostenbesparingen zijn de beeldhouwwerken die Braem wenste aan de inkompartijen wel uitgevoerd. De werken worden uitgevoerd door verschillende kunstenaars, onder andere Mark Macken die een luifel met kariatiden ontwerpt, Albert Poels (de ovaal in de foto hierboven) en Frans Claessens. Braem had voor elke hal een exclusief patroon uitgedacht dat wanden en plafonds bedekte. Maar in slechts één hal is dit uitgevoerd (gereconstrueerd in 2005).

Warmtecentrale

De warmtecentrale voor de negen bouwblokken ligt aan het centrale plein, tussen de gebouwen van de eerste fase en tweede fase in. Het bevatte niet alleen de stookplaats zelf, maar ook 2 woningen voor arbeiders en de directeurswoning. Braem plaatste de kleurrijke leidingen en gigantische stookketels en pompen als kunstwerken letterlijk in een grote vitrine. Hij gebruikte ook dezelfde materialen als de appartementsgebouwen. De centrale werd in 1954 in dienst gesteld, maar door technische problemen al vlug uit dienst gezet. De schouw werd afgebroken.

Tweede fase

Tussen 1955 en 1958 wordt de tweede fase gebouwd: de zes blokken in zigzag geplaatst. Er wordt gevraagd de bouwkosten te verlagen met 20%. De open galerijen en de skeletbouw die gebruikt zijn in de eerste drie blokken, blijken zeer duur te zijn en worden afgevoerd. Er wordt gewerkt met dragende wanden en een centrale trappenkokers per twee gebouwen. Er wordt een negende verdieping toegevoegd aan deze blokken, zodat het totaal aantal wooneenheden op 780 komt te liggen.

De appartementen zijn in de tweede fase ook opgevat als duplexappartementen, waarbij het daggedeelte op de eerste en het nachtgedeelte op het tweede niveau zit. Elk appartement beschikt over een terras, de scheidingswanden zijn gekleurd met geel aan de zonkant en groen voor de schaduwkant. Braem wil daarmee een dynamisch effect bekomen, bij het voorbij wandelen of rijden zie je de gevel van kleur veranderen.

Renovatie

In 1988 werd gestart met een grondige renovatie van het complex, onder leiding van architectenbureau Vanhecke & Suls en studiebureau Herelixka. Niet alleen de gevel werd aangepakt, maar ook de verouderde sanitaire installaties. Aangezien Braem ook dacht aan de decoratie van de gebouwen en inkomhallen, werden deze volgens de oorspronkelijke kleuren gereconstrueerd.

Braem blokken Kiel

 

Renaat Braem

Antwerpen, Emiel Vloorsstraat, Aloïs de Laetstraat, e.a

1949 – 1958 

Dit artikel verscheen eerst op m’n andere site over architectuur in en rond Antwerpen: archiplore.

Meer architectuur in Antwerpen

Expohal te Deurne gebouwd door De Coene

Expohal te Deurne gebouwd door De Coene

Expohal Wenceslas de ‘t Serclaes Antwerpen, Deurne, Te Couwelaarlei 95 1958 Expo 58 Het gebouw dat nu als sporthal gebruikt wordt in Deurne, is origineel een paviljoen van Expo ’58 in Brussel. Het werd gebouwd door de Kortrijkse Kunstwerkstede Gebroeders De Coene. Zij...

Lees meer
Belgische Fruitbeurs – art deco op het Eilandje

Belgische Fruitbeurs – art deco op het Eilandje

Belgische Fruitbeurs Joseph Somers + Cols en De Roeck + Alfred Portielje Antwerpen, Zeevaartstraat 1935 – 1936 Fruit Tijdens m’n opleiding architectuur ontdekte ik deze verborgen parel van art deco. Op de rondleiding ‘Pakhuizen en Parken‘ wordt dit gebouw natuurlijk...

Lees meer
Parkbrug – poort van Antwerpen

Parkbrug – poort van Antwerpen

Parkbrug Ney & Partners Antwerpen, Italiëlei 2016Poort van de stad 170 ton 67m lang 10m breed aan uiteinden, 5m breed in het middenParkbrug In 2011 hoorde ik voor het eerste over de plannen van een brug over de Leien. Dat was het jaar dat het MAS opende! Al die...

Lees meer